Voor hypotheekadviseurs en -ondersteuners. Oefen gratis met PE-oefenvragen voor Wft Hypothecair Krediet, met uitleg bij elk antwoord.
Laatst bijgewerkt 15 oktober 2026 · peildatum regelgeving 15 oktober 2026
Wat komt aan bod
- Leennormen: financieringslast en verhouding lening-waarde
- Hypotheekvormen en rentevormen
- Eigenwoningregeling: aflossingseis, bijleenregeling, eigenwoningreserve
- Nationale Hypotheek Garantie
- Taxatie, notaris en hypotheekakte
- Vergoeding bij vervroegd aflossen
- ESIS en informatieverstrekking
- Inkomen en kredietwaardigheid
- Risico’s in het advies: overlijden, arbeidsongeschiktheid, werkloosheid, relatie-einde, pensioen
- Duurzaamheid en energielabel
Wat is er nieuw in 2026
- Nieuwe toetstermen CDFD per 1 april 2026. De eind- en toetstermen voor deze module zijn vernieuwd en gelden voor examens vanaf 1 april 2026. De vragen in de toets zijn erop afgestemd.
- TRHK en NHG Voorwaarden & Normen. Wijzigen jaarlijks per 1 januari. Werk altijd met de jaarversie.
- Hypotheekacceptatie 2026. De NHG-kostengrens is € 470.000. Meerdere geldverstrekkers beperken het aflossingsvrije deel bij nieuwe aanvragen tot 30% van de woningwaarde, en taxatierapporten moeten ingaan op funderingsrisico. Check de actuele criteria per geldverstrekker.
Toetstermen CDFD per 1 april 2026
De eind- en toetstermen van het CDFD voor deze module zijn ingedeeld in taken:
- Inventariseren van de gegevens van de klant
- Opstellen van de risicoanalyse ten behoeve van het advies
- Adviseren (en eventueel bemiddelen) van een passende oplossing, zowel financieel als organisatorisch
- Beheren en actueel houden van het advies
Bron: eind- en toetstermen per module van het CDFD, geldend voor examens vanaf 1 april 2026. De volledige documenten staan bij de downloads van het CDFD.
Voorbeeldvragen Wft Hypothecair Krediet
Zo zien de vragen in de toets eruit. In de toets staan de antwoorden in willekeurige volgorde.
Voorbeeldvraag 1
Een klant verkoopt zijn woning voor € 420.000 met € 12.000 verkoopkosten; zijn eigenwoningschuld is € 260.000. Hij koopt een woning van € 525.000 met € 23.000 kosten koper. Wat is de maximale nieuwe eigenwoningschuld?
- € 377.000
- € 388.000
- € 400.000
- € 548.000
Bekijk het antwoord en de uitleg
Juist: € 400.000. De eigenwoningreserve is € 420.000 − € 12.000 − € 260.000 = € 148.000; de verwervingskosten zijn € 548.000; € 548.000 − € 148.000 = € 400.000.
- € 388.000: Hier zijn de verkoopkosten vergeten, waardoor de eigenwoningreserve te hoog (€ 160.000) is berekend.
- € 377.000: Hier zijn de kosten koper niet meegenomen in de verwervingskosten van de nieuwe woning.
- € 548.000: Hier is de eigenwoningreserve genegeerd; de bijleenregeling vraagt dat de overwaarde wordt ingebracht.
Twijfel je over deze vraag of het antwoord? Mail hem direct naar DFO
Voorbeeldvraag 2
Een klant lost € 50.000 boven de boetevrije ruimte af. Zijn contractrente is 1 procentpunt hoger dan de actuele rente voor de resterende rentevaste periode van 4 jaar. Wat is het renteverlies zonder contantmaking?
Bekijk het antwoord en de uitleg
Juist: € 2.000. € 50.000 × 1% × 4 jaar = € 2.000; na contantmaking valt de werkelijke vergoeding iets lager uit.
- € 500: Dit is het renteverlies van één jaar; er resteren nog vier jaar.
- € 5.000: Dit gaat uit van 10 jaar of 10% in plaats van 1 procentpunt over 4 jaar.
- € 200: Dit rekent met 0,1% in plaats van 1 procentpunt.
Twijfel je over deze vraag of het antwoord? Mail hem direct naar DFO
Voorbeeldvraag 3
De rentevaste periode van een klant loopt af. Hij wil op de renteherzieningsdatum volledig oversluiten naar een andere geldverstrekker. Wat geldt voor een vergoeding wegens vervroegde aflossing?
- Er is geen vergoeding verschuldigd, omdat de rentevaste periode is afgelopen
- Hij betaalt altijd een vaste vergoeding van één maand rente
- Hij betaalt een vergoeding over de volgende rentevaste periode, berekend over de resterende hoofdsom
- Hij mag pas boetevrij oversluiten als de looptijd van 30 jaar volledig is verstreken
Bekijk het antwoord en de uitleg
Juist: Er is geen vergoeding verschuldigd, omdat de rentevaste periode is afgelopen. Op de renteherzieningsdatum eindigt de renteafspraak; er is dan geen renteverlies te vergoeden.
- Hij betaalt een vergoeding over de volgende rentevaste periode, berekend over de resterende hoofdsom: Een nieuwe periode is nog niet afgesproken, dus daarover is geen vergoeding verschuldigd.
- Hij betaalt altijd een vaste vergoeding van één maand rente: Er is geen wettelijke vaste vergoeding bij aflossing op de herzieningsdatum.
- Hij mag pas boetevrij oversluiten als de looptijd van 30 jaar volledig is verstreken: Oversluiten op de renteherzieningsdatum is gewoon mogelijk.
Twijfel je over deze vraag of het antwoord? Mail hem direct naar DFO
Wijzigingen
- 15 oktober 2026 — Vragenbank uitgebreid: extra vragen, ook met praktijkcasussen, met uitleg bij elk antwoord.
- 15 oktober 2026 — Eerste versie: vragen met uitleg, peildatum regelgeving 15 oktober 2026.
Bronnen
Dit overzicht helpt je je kennis bij te houden en is geen leerstof voor een erkend PE-examen. Controleer bedragen en normen altijd in de geldende bron. Zie je een fout? Mail info@dfobv.nl.